579612_1401470693404221_343580767_n[1] (2)Hallo, leuk dat je er bent!

Ik ben Trijnie (Trijntje) Nieuwenhuis, geboren op 17 augustus 1958 in Noordbergum. De nummer vier in de rij van vijf kinderen. Was ik een jaar later ter wereld gekomen, dan had ik Anna Maria Theresia (kortweg Trees waarschijnlijk) geheten: naar de tweede vrouw van mijn pake (opa).

Op mijn vijfde verhuizen we naar Jelsum, een klein kleidorpje in het noorden van Friesland. Mijn vader begint daar een eigen timmerbedrijf. Ze vinden er dat ik raar praat, ik krijg zelfs spraakles van de juf. Woudfries heeft namelijk een andere klank dan Kleifries.

Ik ben een sportief, jongensachtig meisje. Voetballen, slootje springen, in bomen klimmen, het gaat me niet snel gek genoeg. Soms ben ik iets te overmoedig. Mijn ouders staan regelmatig bij de dokter op de stoep met mij: een gebroken arm, hersenschudding, een stuk kalk in mijn oog en nog veel meer.

 

opdeschaatsVanaf mijn twaalfde zit ik op schaatsen. De eerste jaren ben ik een middelmatige (maar een o zo fanatieke) schaatsster.  Op mijn vijftiende heb ik het schaatskunstje onder de knie en behoor ik tot de juniorenschaatstop van Nederland. Via de Friese selectie  stroom ik vlot door naar Jong Oranje. In mijn juniorentijd sta ik steevast op het podium.  In 1977 word ik zelfs Nederlands kampioene. Twee jaar later plaats ik mij voor de Wereld Kampioenschappen Junioren in Montreal waar ik negende word. Daarna volgt zelfs nog een jaar kernploeg. Het schaatstalent is aanwezig, het vertrouwen in eigen kunnen is een stuk minder. In de kernploeg verlies ik het plezier in schaatsen. Gelukkig raapt Henk Gemser mij het jaar daarna weer op en zorgt er zo voor dat ik opnieuw lol krijg in het schaatsen.

001marije trijnie

Met mijn dochter Marije

 

In 1977 ga ik werken bij AGO (later AEGON). Ik begin daar als typiste en eindig als Secretaris Ondernemingsraad.

In 1982 trouw ik met mijn ijsliefde en gaan we in Oosterzee wonen. Drie jaar later verhuizen we naar Lemmer. In 1994 komt onze lieve dochter Marije op de wereld.

Een paar jaar geleden heb ik mijn baan verloren en is mijn huwelijk gestrand. Er breekt een moeilijke tijd voor mij aan. Maar juist in deze donkere periode ontdek ik bij toeval dat ik leuk kan schrijven. Met enige schroom  laat ik mijn oud-collega en goede vriend Martin van Mourik (wat ik ook uithaal, hij staat altijd voor mij klaar) een lange persoonlijke brief lezen. Ook mijn zus Wipkje (die mij geregeld opvangt als ik weer eens uit de bocht vlieg) leest hem. Beiden zijn overtuigt van mijn schrijftalent.  ‘Je moet wat met schrijven gaan doen’ zegt Martin. ‘Deze brief leest als een roman’ reageert mijn zus. Deze lovende reacties en vooral de steun van Martin zijn voor mij aanleiding een cursus korte verhalen schrijven te volgen. Door de hoge cijfers en de enthousiaste kritiek van mijn docente ‘je verdient een column in wat voor blad dan ook’ groeit mijn zelfvertrouwen. Iemand heeft over mijn schrijfstijl gezegd ‘u heeft een lenige pen’.  Dat beschouw ik als een groot compliment.

 

Up date 20 oktober 2016: Even iets leuks toevoegen! Ik heb al twee jaar een relatie met… Erik! We hebben elkaar leren kennen via een datingssite. Dat was in het begin  hartstikke spannend natuurlijk, maar we hebben zo’n leuke klik met elkaar, dat deze ruil ik niet in 😉

 

Schrijven is, zeg maar, mijn ding. Maar de Nederlandse taal is dat dan weer niet. Een oud-collega en vriendin corrigeert al mijn verhalen. Ik ben daar heel blij mee!